Toch weer Marokko: voorjaar 2026
Dinsdag 30 december
We hebben weer een drukke decembermaand achter de rug. Vrienden bezoeken en ontvangen, sportactiviteiten van kleinkinderen, van alles en nog wat inkopen en eten op alle niveaus. Het is tijd om weer op pad te gaan. Maar waar moet je in deze tijd van het jaar naar toe om verzekerd te zijn van op zijn minst redelijke weer? Marokko dus. De vorige reis daar hebben we niet goed afgesloten vanwege de twee ziekenhuisopnames van Wobbie. Bovendien zijn we overgehaald door een aantal “Marokko vrienden”. Zo van als jullie gaan, dan gaan wij ook nog een keer. Het wordt dus een reis met een hoog reünie-gehalte. Morgenmiddag, oudejaarsdag, vertrekken we. s’Ochtends moeten we eerst nog naar de rugpoli in Delden. Wobbie krijgt weer steeds meer rugproblemen. De hoop is op een prik: zo een als de vorige die anderhalf jaar gewerkt heeft. De oudejaarsavond hopen we in de buurt van Luik door te brengen, op de camperplaats van de mijn van Blegny.
Woensdag 31 december
Het is oudejaarsavond en we staan vlakbij Luik, bij het voormalige mijnencomplex van Blegny. Nu een soort attractiepark met een museum, rondleidingen, speeltuinen, een kinderboerderij enzovoort. Maar nu even niet: alles is deze dagen gesloten. Behalve dan de gratis camperplek, waar er nu zo’n twintig campers staan. Twaalf uur stroom kost er twee euro, als je tenminste een aansluiting kunt vinden die nog werkt. Wij vinden er een op vijftig meter van de camper. Gelukkig hebben we een kabel van eenenvijftig meter. Het is hier nu, rond half tien, nog erg rustig: ver weg wordt er wat geknald, maar dat mag geen naam hebben. De rit hier naar toe verliep ook al erg rustig. Over de tweehonderdzeventien kilometer hebben we drie uur gedaan. Ook het consult bij de rugpoli tussen de middag verliep vlotjes. De laatste patiënt van 2025, Wobbie dus, werd binnen de kortste keren voorzien van een spuit. Nu maar hopen dat die net zo goed werkt als de vorige.
Coordinaten: N50.68614, E5.72382.
De ingang van het mijnencomplex.
Donderdag 1 januari
Om te beginnen wensen we iedereen alle goeds voor het nieuwe jaar. En niet in de laatste plaats een goede gezondheid. Van de jaarwisseling zelf hebben wij weinig meegekregen: we lagen al voor elf uur in bed. Rond twaalf uur werden we even wakker van het geknal van vuurwerk ver weg. Dat zal wel ergens in Luik ontstoken zijn. Op tijd naar bed betekent ook op tijd opstaan en vertrekken. Al ruim voor negen uur gaan we rijden. Buiten is het mistig en het regent die later verandert in natte sneeuw. De route vandaag gaat via Namen naar Reims, en daarna langs Troyes richting Auxerre. Een aardige route met over het algemeen goede wegen en vandaag erg rustig. Wat vooral opvalt is het aantal tegemoet komende campers. Mogelijk op weg naar huis, maar geen idee waar ze vandaan komen. In de buurt van Auxerre breekt zowaar de zon door en dat maakt het rijden een stuk leuker. Tegen vier uur komen we aan op de camperplaats van het gehucht Beine, even ten westen van Auxerre en midden tussen de wijngaarden. Een aardige gratis camperplaats; de watervoorzieningen zijn afgesloten maar de elektriciteitspalen weken gelukkig. Het is koud buiten en een elektrisch kacheltje maakt het in de camper een stuk aangenamer.
Coordinaten: N47.8213, E3.71791.
De kerststal van Beine.
Vrijdag 2 januari
We worden wakker in een witte wereld: het heeft gesneeuwd. Het ziet er fraai uit maar maakt het wegrijden uit Beine een hachelijk avontuur. Eenmaal het dorp uit zijn de wegen gelukkig schoon: ze glimmen van het pekelwater. Met als gevolg dat de camper er niet uitziet. Het blijft de rest van de dag gelukkig zo goed al droog, op wat verdwaalde sneeuwvlokken na. De route vandaag gaat via Auxerre en Vierzon naar Limoges. Om ten slotte te stoppen even voorbij Angouleme, op een camperplaats van “Camping-Car-Park” bij het dorp Jurignac. Een fraaie camperplaats van alle gemakken voorzien: en dat kost dertien euro vierenveertig. Het dorp Jurignac heeft een kapper en een supermarkt. De laatste is open; een mooi voorbeeld van een buurtsuper. We besluiten om er twee gebakjes mee te nemen voor vanavond. Die kosten samen negen euro: volgens ons heeft de buurtsuper een goede dag. Ze waren overigens erg lekker.
Coordinaten: N45.535498, W0.041839.
De camperplaats bij Jurignac met een mooi uitzicht.
Zaterdag 3 januari
Het is weer erg koud als we opstaan. Maar met het elektrische kacheltje en de verwarming van de camper zelf is het binnen goed uit te houden. Om negen uur gaan we weer rijden volgens het inmiddels vaste ritme: om acht uur opstaan, eten, opruimen en rijden. Tot Bordeaux gaat alles voorspoedig, maar daar voorbij zitten we plotseling in de dichte mist. En na de mist gaat het regenen, waarbij de temperatuur op begint te lopen naar een graad of acht. Wij rijden en blijven rijden. Via enkele sociale media hebben we opmerkingen gekregen dat we in een aardig tempo doorstomen naar het zuiden. Maar het grote doel is om mooi weer op te zoeken. En de grootste kans daarop in deze tijd van het jaar is in Marokko. En niet in Frankrijk: daar is het somber, nat en erg koud. Geen weer om te wandelen en te fietsen of gezellig op een camperplaats te verblijven. Dus rijden we in een lekker warme camper met leuke muziek op de radio. Daar zit een usb stick in met de Top 2000 uit 2011 en een duizendtal andere “gouwe ouwe”. Tussen Bordeaux en de Spaanse grens hebben de de tolstroken genomen evenals in Noord Spanje: dat scheelt anderhalf uur rijden. Het was vijf uur dat we in Palencia aankwamen op de camperplaats bij het benzinestation Suances. Na het wegwerken van de laatste gluhwein zijn we even de stad ingelopen. Alles is er nog in kerstsfeer en het is er gezellig druk. Alle winkels zijn open en aan publiek geen gebrek. En van vorst is hier nog geen sprake: het is tien graden en droog! Terug in de camper gaan we aan de erwtensoep, waarna het tijd is om te douchen. Het is één van de redenen om telkens deze camperplek op te zoeken. Voor een volle tank is de plek gratis, douchen kost twee euro. En dat in een erg fraai toiletgebouw.
Coordinaten: N42.01056, W4.54568.
Kerst in Palencia.
Zondag 4 januari
Het is weer fris bij het opstaan, het vriest twee graden. Voor we gaan rijden moeten we nog even langs het pompstation. We hebben een Spaanse gasfles die nog halfvol zit met propaangas. Maar we willen met een volle fles Marokko in: die kost nog geen vijftien euro. We hebben pech: de flessen met propaangas zijn op. Dus moeten we er onderweg eentje zien te scoren. We gaan op pad voor, naar later blijkt, een lange dag rijden. Als de temperatuur wat opgelopen is, rijden we de wolken in. Dat duurt totdat we het hoogste punt op de route van vandaag gehad hebben, ergens bij de stad Bejar. Dan breekt de zon door en loopt de temperatuur op tot boven de vijftien graden. Even voor Sevilla kunnen we een volle fles propaan op de kop tikken. Net op tijd, want even later begint het te regenen en voorbij Sevilla worden dat hoosbuien. Zo hevig dat onze telefoons beginnen te kraaien: we schrikken ons een hoedje. Het zijn twee Spaanse alarmberichten die een code-rood signaal afgeven vanwege overstromingsgevaar. Uiteindelijk zijn we tegen zeven uur in het shoppingcentrum van Palmones, vlakbij de haven van Algeciras. Ook daar regent het en het blijft er ook vannacht regenen. Morgen wordt een relatieve rustdag. Wat later opstaan en er moeten tickets gekocht worden voor de overtocht. En natuurlijk allerlei zaken die een verblijf in Marokko aangenaam maken, zoals wijn en bier.
Coordinaten: N36.18297, W5.43815.
Op de parkeerplaats in Palmones.
Maandag 5 januari
Als je campers wilt bekijken, moet je in Palmones zijn; parkeerplaatsen vol. Er komen er elk jaar meer bij; bijna allemaal Marokkogangers. In de loop van de dag vertrekken er een aantal naar de boot, de lege plekken zijn tegen het einde van de avond allemaal weer bezet. Het is een komen en gaan. Om half elf zijn we bij het ticketkantoor van Carlos Gutierrez. Ook daar is het druk. Om het wachten wat dragelijker te maken gaat Carlos zelf met kerstkoeken rond. De overtocht daar kost op dit moment tweehonderd vijftig euro (een open ticket). Het schijnt op dit moment goedkoper te kunnen door online bij een bepaalde bootmaatschappij te boeken. Wij nemen geen risico’s: we weten hoe het werkt bij Carlos en de maatschappij Balearia. Bovendien verkoopt Carlos nu ook telefoonkaarten van Maroc Telecom. Bij de binnenkomst in Marokko kun je die installeren en ben je niet afhankelijk van allerlei slimme handelaren. De middag besteden we aan shoppen, waarbij de drukte opvalt in alle winkels. Het is hier nog volop kerstvakantie; zelfs bij de Lidl draaien ze nog White Christmas van Bing Crosby. De oogst van het winkelen is een camper vol spullen die in Marokko moeilijk te krijgen zijn, zoals producten met varkensvlees en alcoholische drankjes. Morgenvroeg dus op tijd naar de haven. We hebben de boot van tien uur. Maar dat kan ook twaalf uur worden. We zijn voorbereid op een dag met veel en lang wachten.
Wachten op je beurt bij het ticketkantoor.
Dinsdag 6 januari
We hebben weer een bijzondere dag achter de rug. Om kwart voor negen zijn we al in de haven van Algeciras en kunnen we aansluiten in één van de lange rijen met campers. Allemaal in de wacht voor echte kaartjes voor de overtocht. Maar als we goed en wel de koffie op hebben, begint er beweging in de lange rijen te komen. Om kwart over tien staan we ergens vooraan op de boot en die vertrekt om half elf. Op de boot zit een Marokkaanse politieagent die een stempel in de paspoorten moet zetten. Daar hebben we een uur in de rij gestaan. Eénmaal in de haven van Tanger Met gaat alles ongekend snel. Geen gedoe met de scanner en in tien minuten was de inrijkaart voor de camper door de douane geregeld. Zo snel hebben nog niet eerder meegemaakt. Om half twee zitten we al op de snelweg, waar we besluiten door te rijden naar een camping in Kenitra. Iets te overmoedig bleek achteraf. Om te beginnen was het toch nog een flink eind rijden. En de Camping Mehdia ligt een eind buiten het centrum. En je moet dwars door dat hele grote centrum heen, nu tijdens de avondspits. Als je daar heelhuids doorheen komt kun je heel Marokko aan. Maar we hebben Camping Mehdia gehaald. Ooit prachtig aangelegd, maar zoals vaker hier in Marokko, de laatste jaren niet meer onderhouden. Maar voor één nacht voor ons een prima plek. Tot slot nog even over het weer. Het was een zonovergoten dag van Algeciras tot Kenitra; wel met een fris windje.
Coordinaten haven Algeciras: N36.149493, W5.445746. Coordinaten camping Mehdia: N34.25831, W6.67415.
De entree van de haven van Algeciras.
Bijna in de haven van Tanger Med.
Woensdag 7 januari
Eén nacht is meer dan genoeg op Camping Mehdia in Kenitra. De volgende stop hebben we gepland op Camping Ocean Bleu in Mohammedia, een ritje van een goede honderd kilometer. Even buiten Kenitra op de N1, een vierbaansweg, krijgen we de schrik van ons leven. Er komt ons een op hol geslagen paard tegemoet. Het dier slalomt tussen de auto’s door en schiet rakelings langs de camper. Een botsing had het dier en de camper niet overleefd. Kan op het lijstje met bijzondere gebeurtenissen in Marokko (maar liever niet nog een keer). Zoals altijd worden we weer hartelijk verwelkomt op Camping Ocean Bleu. Maar de camping is eigenlijk vol; een aantal lege plekken zijn gereserveerd (!). Maar ergens achteraf in een verloren hoekje mogen we gaan staan. We waren van plan om hier twee dagen te blijven om wat bij te komen van al het rijden. Maar dus niet op de plek waar we nu staan: we gaan morgen weer verder. Na de middag maken we een flinke wandeling van bijna zeven kilometer. Langs de zee door de villawijk met fraaie huizen en appartementencomplexen. Waarvan overigens de helft wordt gerenoveerd of herbouwd. Met daar omheen enorme puinhopen en talloze honden en katten. Het zal ooit weer een prachtige wijk worden, maar dat zullen wij wel niet meer meemaken. Op de terugweg duiken we even een terras op voor koffie. Heerlijk in de zon en erg lekkere koffie.
Coordinaten: N33.7375, W7.32436.
Uit de wind in de zon in een verloren hoekje van de camping.
Voetbal is belangrijk in Marokko: het duurt nog even maar men is er al volop mee bezig.
Donderdag 8 januari
Het is vanochtend een ware uittocht op de camping Ocean Bleu. Maar er staan er al weer tien in de wacht, op de straat voor de camping keurig op een rij. Kennelijk was de camping gisteravond helemaal vol. Wij zitten snel op de tolweg en dat rijdt probleemloos. Alleen bij Casablanca is het zoals gewoonlijk erg druk. Daarna wordt het heel erg rustig. We passeren El Jadida en nemen de afslag naar Oualidia. Daar laten we eerst de camper wassen: met name de achterkant was zwart van de pekel en vuil van de wegen. En dan naar de camper-parkeerplaats dicht bij de zee; het is half twee als we er aankomen. We denken nog vroeg te zijn, maar zo druk op dit vroege uur van de dag hebben we nog nooit eerder meegemaakt. Eén helft van het terrein staat al helemaal vol en op het tweede deel vinden we nog één vrije plek aan de rand. De stoelen gaan naar buiten en uit de wind in de zon is het heerlijk. En je hebt er wat te kijken. Nog altijd komen er campers binnen rijden en dat alles met veel kabaal van de bewakers. Omdat het zo druk is en we verzekerd willen zijn van een tajine vanavond, bellen we Ali, de tajine-koerier. We hebben vijftien jaar geleden zijn telefoonnummer gekregen en dat werkt nog steeds. Vanavond om zes uur zijn we verzekerd van goed eten. Na de middagpauze maken we een wandeling langs de zee. En dat is vooral om even de benen te strekken: de omgeving kunnen we inmiddels dromen. Om zes uur volgt dan het hoogtepunt van de dag: de tajine van Ali. Andere jaren aten we er meestal twee dagen van, maar deze keer bleef er alleen een klein stukje kip over. Vanochtend op weg hier naar toe zeiden we tegen elkaar dat we twee dagen zouden blijven om bij te komen van al het rijden. Maar met deze drukte hebben we daar helemaal geen zin in. De volgende stop hebben we in Sidi Kaoki gepland, maar de grote vraag is of daar plaats is. We bellen een paar keer naar Ali van camping Soleil, zonder succes. Tot Wobbie op het idee komt om een appje te sturen. Op een zorgvuldig omschreven bericht of er nog plaats is, komt een korte reactie: yes! We zijn benieuwd morgen: een paar dagen niet rijden zou wel lekker zijn.
Coordinaten: N32.73220131, W9.0441985.
Onze plek bij de brug die de parkeerplaats in tweeën deelt.
De tajine kip van Ali (de kip zit onder de groente).
Vrijdag 9 januari
Ondanks het grote aantal campers in Oualidia was het een rustige nacht. Op wat hondengeblaf na, maar daar raken we ook aan gewend. We nemen het laatste stuk tolweg voorlopig en gaan een tweebaansweg op naar Essaouira. En dt valt niet altijd mee. Over honderd kilometer is de weg slecht en we komen door drie plaatsjes waar een markt gaande is. Dus stapvoets rijden en iedereen die dat wil voorrang verlenen. In Essaouira gaan we eerst naar de grote Carrefour supermarkt. Het is even zoeken, want die supermarkt wordt nu overschaduwd door een nieuwe, nog veel grotere van Attacado. Beroemd bij Westerse toeristen vanwege de grote drankafdeling. Daarna is het nog twintig minuten rijden naar het surfdorp Sidi Kaouki, naar Camping Soleil van Ali. Maar die camping is zo goed als vol. En Ali is in geen velden of wegen te bekennen. Er loopt weliswaar een “assistent” rond, maar die weet van toeten nog blazen. Wim gaat kijken bij de naburige camping Kaouki Beach: en daar is nog één fraaie plek vrij. Dus snel de camper opgehaald en daar geïnstalleerd. We zijn precies op tijd. Campers na ons hebben minder geluk en verlaten boos en teleurgesteld het terrein. Om drie uur zijn we helemaal klaar. De stroom is aangesloten, de stoelen staan buiten, een kleedje voor de deur en we hebben ons omgekleed. Het is hier korte broeken weer. Aan het einde van de middag lopen we een rondje door het dorp. Zo langzaam maar zeker komen er steeds meer fraaie hotels en appartementencomplexen klaar. Hoewel het dorp nog lang niet “af” is.
Coordinaten: N31.35062, W9.7944.
Het meest bijzondere hotel van Sidi Kaouki.
Nog even geen liefhebbers voor een ritje.
Zaterdag 10 januari
Een relatieve rustdag in Sidi Kaouki. We rommelen wat rondom de camper en de was moet gedaan worden, met de hand zoals dat heet. Die was ophangen is hier lastig. De waslijnen zijn verdwenen: improviseren dus met een lijn van een boom naar een camperspiegel. Maar op de stam van die boom zit Karel de Kameleon. Lekker in het zonnetje op te warmen en niet van plan om opzij te gaan. Dit was er dus weer één in het kader van bijzondere ontmoetingen in Marokko. Wie we ook weer tegenkomen is de man van de zonnepanelen. Tijdens elke Marokko reis komen we hem een paar keer tegen. Hij heeft twaalf jaar geleden een zonnepaneel bij ons geplaatst en dat weet hij nog steeds. De begroeting is steevast “hallo Holland, alles gut?” Plus een ferme handdruk. In de middag maken we weer een wandeling, het is er heerlijk weer voor. Een kilometer of vier langs de weg het dorp uit. Daarna richting de zee naar een rotspunt. Een ruig gebied, maar we komen er een aantal campers tegen. Kennelijk een nieuwe gedoogplek in wording.Vlakbij de rotspunt weten we een adres voor koffie. Dat heet nu Café Mazro, een beetje in the middle of nowhere. Vlak daarbij staat nu het “surfhotel”. Een enorme vrachtwagen met een twee etages hoge laadbak, ingericht als hotel voor surfers. Met een Portugees kenteken: we hebben het ding ooit eerder gezien ergens in Portugal, maar ook in Aourir (bij Agadir). De terugweg gaat via het strand, ook weer vier kilometer. Redelijk uitgeblust komen we terug bij de camper: het was net iets te veel van het goede.
Karel de Kameleon.
Een bijzondere lamp op het terras van Café Mazro.
Zondag 11 januari
Dag drie in Sidi Kaouki en tevens onze laatste dag hier. Het is er druk met Marokkanen die kennelijk ook een vrije dag hebben en met de auto hier een kijkje komen nemen. Maar ook campers rijden er af en aan. Allemaal op zoek naar een plek op één van de twee campings, maar die zijn beiden overvol. Het gevolg is dat je her en der campers ziet staan, zoals op de parkeerplaats in het centrum. Een soort betaalde gedoogplek nu. In de ochtend maken we een wandeling door het dorp. De wegen zijn er bar slecht ondanks de luxe resorts die je regelmatig tegenkomt. Veelal omgeven door fraaie omheiningen. Ook aan het einde van de middag gaan we nog een keer wandelen. Deze keer langs de rotskust. Ook daar staan campers, bijna allemaal voertuigen van surfers. Een plek voor zeg maar “vrije vogels”. Als afsluiting van ons verblijf in Sidi Kaouki gaan we uit eten. We kiezen een restaurantje waarvan de menukaart en de prijzen ons aanstaan. Of we zijn te laat of te vroeg, maar we zijn de enigen in het rijtje restaurants die zitten te eten. Op zich niet erg en het eten smaakt er niet minder om, maar ook de katten weten ons te vinden. Normaal heeft elke kat zijn of haar eigen tafeltje, maar nu dus allemaal onze tafel. En wat het eten betreft, het was een eenvoudige maar voedzame maaltijd. Na het eten gaan we alvast afrekenen en opruimen. En wordt er al een stoel naast de camper gezet als teken dat onze plek al weer bezet is zodra we weg zijn.
De koning van Marokko is ook hier belangrijk: hij lijkt er een klein beetje op.
Een visser op zoek naar mosselen.
Maandag 12 januari
We hebben weer een reisdag vandaag: op tijd opstaan dus. Om acht uur is het nog donker in Sidi Kaouki en behoorlijk fris. Tegen kwart voor negen gaan we rijden terwijl de zon opkomt. Daardoor zijn de eerste kilometers lastig: de zon in de ogen en een smalle weg met rafelranden. Gelukkig is het nog niet druk. De route vandaag is best aardig, een wisselend landschap en mooie uitkijkjes. Over het algemeen goed te rijden, maar toch ook weer met een aantal slechte stukken. Rond een uur of één zijn we op de camping in Aourir, zo’n vijftien kilometer voor Agadir. Het voelt een beetje als thuiskomen. We weten hoe het werkt hier en Frank en Ria hebben een fraaie plek voor ons gereserveerd. Na het installeren zijn we druk met het begroeten van het personeel en bekende camperaars. In de middag maken we een wandeling over het grote terrein. Waarbij duidelijk wordt dat er op een aantal plekken forse schade is ontstaan door de enorme hoosbuien de afgelopen periode. Daar is nu geen sprake meer van, de lucht is strakblauw en de temperatuur tikt de vijfentwintig graden aan. Alleen verdwijnt de zon tegen vijf uur achter een bergkam. De camping ligt in een vallei.
Coordinaten: N30.49475, W9.62374.
Onze plek op Camping Aourir.
Een voorbode van het komende voorjaar.
Dinsdag 13 januari
Een dag die zonnig begint. Maar dan pas om negen uur, want dan komt die zon boven een bergwand te voorschijn. We halen de fietsen uit de camper voor de eerste fietstocht in Marokko: er moeten boodschappen gedaan worden. En, omdat we toch in de buurt zijn, nemen we ook een kijkje in de “kunstenaarssteeg”. Een steeg met allemaal souvenirs winkeltjes, kleding, sieraden en kunstnijverheidsproducten. Leuk om er doorheen te slenteren. Je hebt alle tijd om er te kijken en je wordt niet lastig gevallen door opdringerige verkopers. Tussen de boodschappen door gaan we aan de avocado-shake, op “ons” vaste adres. Overigens niet alleen ons vaste adres; het terrasje zit er regelmatig vol. Voor in de middag, het is dan inmiddels zwaar bewolkt, maken we een wandeling door het achterland van de camping. Ook daar nog duidelijke sporen van de overstromingen van een paar weken geleden. Er wordt aan de weg gewerkt om toekomstige wateroverlast zo veel mogelijk te beperken. Aan het einde van de middag komen Paul en Arendien langs voor een drankje, een hapje en een gezellige babbel. Dat alles doen we maar in de camper want buiten is het uitgesproken fris geworden. En wat later begint het zelfs een beetje te regenen: gelukkig niet meer dan een buitje voor het stof.
De “kunstenaarssteeg” in Aourir.
Mooie vazen maar passen niet in de camper.
Woensdag 14 januari
Het is een belangrijke dag in Aourir: op woensdag is er markt. Niet alleen een hoogtepunt voor de inwoners van Aourir en omgeving, maar ook voor de gasten van de camping. Het aanbod bestaat voornamelijk uit groente en fruit. Maar voor noten, tweedehands kleding en schoenen en huishoudelijke artikelen kun je er ook terecht. Wij gaan voor de groente en het fruit. De keuze is groot en de kwaliteit prima. We komen er zelfs spruitjes tegen: die hadden we nog niet eerder gezien in Marokko. Na het marktbezoek, het terrein ligt tussen de camping en het stadje, fietsen we nog even door. We hebben een bakker ontdekt die zelf kleine stokbroodjes bakt. En lekkere dingen voor bij de koffie: voor de twee broodjes en iets voor bij de koffie ben je omgerekend vijftig eurocent kwijt. En omdat we toch in de stad zijn nemen we ook nog twee avocado-shakes mee. Ergens in de middag maken we weer een kleine wandeling. Hier in de buurt van de camping zit een imker halverwege een bergwand. Het onderkomen van de man zelf bestaat voornamelijk uit zeg maar “restmateriaal”, de talrijke bijenkasten zien er beter uit. De imker zelf is er niet, maar de bijen wel. Waar de beesten nu honing vandaan halen weten we niet. Het echte voorjaar moet nog beginnen en er zijn nog maar weinig bloemen. Honing is echter overal te koop in Marokko, maar behoorlijk aan de prijs.
Op de markt in Aourir.
Het onderkomen van de imker en een klein deel van de bijenkasten.
Donderdag 15 januari
Het is tijd voor een dagje naar de grote stad. Om elf uur stappen we met Frank en Ria op de fiets: op naar Agadir. Het is een zonnige dag, maar de zeewind maakt het erg fris: lange broeken weer dus. Wat onmiddellijk opvalt als je Agadir binnenkomt, zijn de talloze spandoeken die verwijzen naar het voetbal op dit moment: de Africa Cup. Op alle pleinen staan podia met grote beeldschermen en tentjes met eten en drinken. Gisteravond heeft Marokko na penalty’s van Nigeria gewonnen en daarmee de finale van aanstaande zondag bereikt. Dat wordt dus een bijzondere dag. De eerste stop is bij de UniPrix; een supermarkt met vooral kleding, souvenirs en alcoholische dranken. Vlak daarbij staat een kraam met houtsnijwerk. Als we er in de buurt zijn daar, stallen we er de fietsen. De man bewaakt ze of zijn leven er van af hangt. Na het bezoekje aan de UniPrix, waar we overigens niets gekocht hebben want we zijn wel uitgekeken op de prullaria daar, gaan we eten. Daar hebben we een vast adres voor, ergens in een zijstraat. Alle vier een bord vol vleesreepjes, patat, groente en veel uien. Een glaasje wijn erbij was lekker geweest: met de liter water was het wat behelpen. Terug bij de fietsen voelen we ons verplicht om iets bij de man met het houtsnijwerk te kopen. Altijd weer een vermakelijk gebeuren, het spel van loven en bieden. We houden er een houten cobra slangetje aan over die zich dreigend opricht. We moeten nog even nadenken of we dit ding in de kamer willen hebben. De laatste stop in Agadir is bij de supermarkt Marjane. Een erg grote winkel met producten voor Europese prijzen. Het is er erg rustig: “gewone” Marokkanen zie je er niet. In het erg grote gebouw zitten ook een aantal kleine winkeltjes: leuk om ook daar even te neuzen. Op de terugweg in Aourir gaan we nog maar eens aan de avocado-shakes; daar zijn we hard aan toe na bijna vijftig kilometer fietsen. Om zes uur zijn we terug op de camping. De zon is dan al lang achter een bergwand verdwenen. uitgeblust duiken we de camper in.
Hassan, de man van het houtsnijwerk en onze fietsenbewaker.
Eén van de promoties voor de Africa Cup.
Hier waren we vandaag.
Vrijdag 16 januari
Ergens in Aourir, aan de doorgaande weg door de stad, zit een bakker die zelf brood bakt. Deze week hebben we daar elke dag brood gekocht. En meestal ook iets voor bij de koffie. Het is in de ochtend fraai wandelweer, dus we gaan op pad. We gaan over de weg, daar kun je vrijuit lopen, om je heen kijken en er liggen geen keien waar je over kunt struikelen. De heenweg loopt voornamelijk naar beneden, maar is desondanks best pittig. Maar op de plaats van bestemming blijkt de bakkerij gesloten, waarschijnlijk omdat het vrijdag is. Allah nog aan toe, dat hebben wij weer. Dus gaan we maar terug over de nu langzaam oplopende weg. Terug bij de camper hebben we er acht en een halve kilometer op zitten: meer dan genoeg beweging voor vandaag. Omdat het vrijdag is, is het couscous dag in het restaurant van de camping. We hebben geen zin in koken vandaag, dus wordt het couscous. Allebei een bord vol met groente, rundvlees, uien en kikkererwten. Die laatsten zijn allemaal voor Wim; Wobbie is niet zo van de kikkers en erwten. Na het eten komt Arjan Burggraaf de camping oprijden. We kennen elkaar al een aantal jaren vanwege de Marokko reizen. We wisten dat hij zou komen en we hadden een plek voor hem “gereserveerd”, pal naast ons. Dat gaat overigens erg simpel. Op een vrije plek zet je twee waterflessen of krukjes neer. Waarna alle niet genode gasten er voorbijrijden. Wij blij, Arjan blij, gewoon Nederlanders onder elkaar tussen al het Franse geweld.
Al jaren een markant herkenningspunt onderweg; de waterput.
De doorgaande weg door Aourir.
Zaterdag 17 januari
Vandaag hebben we een rustdag genomen; na het fietsen en wandelen van de afgelopen dagen, waren we daar aan toe. Wim is nog wel even op de fiets “naar beneden” (Aourir) geweest om brood te kopen. Verder hebben we veel buiten gezeten, maar dan wel met de vesten aan. Het was half bewolkt en als de zon er even niet was, uitgesproken fris. De hele dag hebben we bezoek van onze diadeemroodstaart: een prachtig vogeltje. Door een buurman even verder Marokkaans roodborstje genoemd. Kennelijk staan wij met de camper op een stukje van zijn territorium. Of hij herkent onze Nederlandse kentekenplaat en weet dat dat goed volk is. In de loop van de dag is de camping praktisch volgelopen. En dat hebben we nog niet eerder meegemaakt. Erg veel camperaars die voor het eerst in Marokko zijn, waaronder een aantal Nederlanders. We kletsen wat af vandaag, niet alleen met “nieuwkomers", maar ook met “oude” bekenden. Aan het einde van de middag. gaan we nog even wandelen over de rotspaadjes en tussen de cactussen door achter de camping. De dagafsluiting doen we met Arjan onder het genot van een hapje en een drankje. Om tot slot de boel buiten op te ruimen. Vannacht en morgenvroeg wordt er regen verwacht.
Onze diadeemroodstaart.
Wandelen tussen de cactussen.
Zondag 18 januari
De weersvoorspellingen van gisteren zijn helemaal uitgekomen. Ergens in de nacht begon het te regenen en dat hield pas op zo rond twaalf uur vanochtend. Dus laat opstaan, uitgebreid ontbijten en wat lezen en puzzelen. Na de regen kwam de zonneschijn, maar een harde wind voorkwam het lekker buiten zitten. Het alternatief is dan wandelen; dat doen we met z’n zevenen. Ria, Frank, Paul, Arendien, Arjan en wij dus. Een wandeling van zo’n vijf kilometer. Dat lijkt niet veel, maar het grootste deel ging over rotspaden en bovendien zat er een pittige klim in. Maar een leuke wandeling voor de zondagmiddag. En wat ook nu weer opviel waren de sporen van de regen van de afgelopen uren. Door de anders droge geulen stroomde nu veel water, en ook grote delen van de route waren nogal modderig. Om zes uur gaan we aan de tajine-kip. Opgehaald uit het restaurant en lekker in de camper opgegeten. De afwas viel dus mee vanavond.
Paul, Ria, Arjan en Wobbie voor een bloeiende amandelboom.
Maandag 19 januari
We gaan weer een dagje uit. De vorige week gingen we met Frank en Ria in Aourir linksaf naar Agadir, vandaag met Arjan rechtsaf naar Taghazout. Een bijzondere route pal langs de zee. Vanuit Aourir kom je er eerst de Duivelsrots tegen, een rotspunt in de zee. Op het terrein ervoor verrijzen steeds meer overheidsgebouwen en zelfs een heel groot speelterrein. Her en der zitten grote parkeerplaatsen. En op al die parkeerplaatsen staan campers. Ook daar hebben we nog nooit zoveel campers bij elkaar gezien. Kennelijk wordt dat nu gedoogd want waar moeten ze anders heen. Alle campings in de buurt staan overvol. Het vervolg van de route gaat over een prachtige boulevard. Met links de zee met talloze golfsurfers en rechts enorme hotelcomplexen en een golfbaan. Die boulevard komt uit in het dorp Taghazout. Een schilderachtig plaatsje en het centrum van het golfsurfen in deze streek. Bij één van de vele restaurantjes gaan we eten, op een terras pal aan zee. Het eten is er alleszins redelijk, de prijzen aangenaam. Het is er behoorlijk druk met vooral jonge, westerse golfsurf-toeristen. Maar ook met een zee vol meeuwen en katten onder de tafels. Er wordt noch wel eens iets over de muur gegooid of er valt wat van de tafels. Na wat boodschappen in Aourir zijn we rond half vier terug op de camping. We hebben er dan bijna dertig kilometer opzitten. Op een camping overigens die aan het einde van de middag helemaal vol staat. Ook dat hebben we nog niet eerder meegemaakt.
Taghazout aan zee.
Over smaak valt niet te twisten; het is in elk geval schilderachtig.
En nog een schilderachtig tafereeltje.
Dinsdag 20 januari
Soms zijn er dagen waarvan je denkt: wat moet ik daar nou over schrijven. Nou vandaag was dus zo’n dag. We hebben brood gehaald beneden in het dorp en we hebben twee volle wasmachines laten draaien om alle kleding, beddengoed enzovoort weer schoon in de kast te krijgen. Er waren lezers die zich al zorgen maakten over de verschoning van onze bedden en dergelijke: vandaar deze update. Het wassen op een camping is overigens nog een heel gedoe waar je knap druk mee bent. Eerst bij de receptie “tickets” kopen voor de wasmevrouw, de was brengen en weer ophalen, ophangen aan de waslijnen, weer ophalen, opvouwen en op de goede plaats leggen. Oh ja, en de bedden weer opmaken. Het is best aanpoten zo’n dag. Tot slot nog maar even over het weer. Na een erg koude nacht werd het een zonovergoten dag. Om een uur of negen komt de zon te voorschijn boven de bergkam. Maar pas om een uur of half elf staat hij hoog genoeg om lekker buiten te kunnen zitten.
Een aarzelend begin van het voorjaar.
Woensdag 21 januari
Onze tweede marktdag in Aourir: het is weer tijd om verse groenten en fruit in te slaan. Wat opvalt is dat er in de ochtend veel bezoekers zijn van de camping. Het is er dan nog rustig. Alle tijd om er rond te wandelen, te keuren en de mooiste waren uit te zoeken. Die relatieve rust maakt het afrekenen ook wat makkelijker. Na het bezoek aan de markt gaan we met Arjan nog even Aourir in voor koffie op het “smoothie-terras” en brood bij onze vaste bakker. Op de terugweg naar de camping komen we weer langs het marktterrein, het is dan bijna half één. De markt lijkt nu op z’n hoogtepunt. Alleen al het passeren van dat terrein, aan de doorgaande weg, is een uitdaging. Na de middag gaan Wim en Arjan op pad. Ergens achter de camping, op een erg hoge heuvel, staat een elektriciteitsmast. Van daaruit heb je een fraai uitzicht over de camping. Het is stevig klimmen om boven te komen, de uitkijkjes zijn fraai. De terugweg, stijl naar beneden, gaat twee keer zo snel als de heenweg. Een wandeling goed voor de spijsvertering zullen we maar zeggen. We zijn net op tijd terug om Jan en Pieta te verwelkomen: camperaars die we al jaren kennen en die tot onze vriendengroep zijn gaan horen. Zij komen uit Sidi Kaouki: hoog tijd om het weerzien te vieren met een drankje. Morgenvroeg moeten we er op tijd uit. Arjan, naast ons, vertrekt dan naar Sidi Wassay en het is de bedoeling dat jan en Pieta zijn fraaie plek dan innemen. Dat moeten we geregeld hebben voordat de Fransen dat in de gaten krijgen. Zij zijn met velen, maar wij zijn slimmer (denken wij).
Wobbie op de markt.
Arjan bij “onze” bakker.
Het deel van de camping waar wij staan.
Donderdag 22 januari
Een erg sombere dag vandaag wat het weer betreft. In de nacht is het gaan regenen en dat duurt zo tot een uur of tien. Het bleef de rest van de dag gelukkig droog, maar de zon hebben we niet gezien. We zijn op tijd uit bed. Allereerst om Arjan uit te zwaaien; die trekt verder naar Sidi Wassay, pal aan de kust. De lege plek wordt bezet door Jan en Pieta. We hadden enige voorzorgsmaatregelen getroffen, waarmee het definitief hun plek werd. Wim gaat op de fiets naar de bakker in het dorp. Door de regen van de afgelopen nacht zijn grote delen van de weg voorzien van een laag bruine, natte drap. Terug bij de camper ziet de fiets er dan ook niet uit. En ook de benen van Wim zien er plotseling heel anders uit dan voor het vertrek. Na de middag maken we samen een wandeling. Met de wandelschoenen aan, en dat is maar goed ook. De bovengrond is op veel plekken boterzacht. Dus ook die wandelschoenen zien er na afloop niet uit. Om vier uur hebben we een afscheidsreceptie. Arendien en Paul, ook ervaren Marokkogangers, vertrekken morgen richting Europa. Zij zijn bezig een reis voor te bereiden naar Turkije dit voorjaar. Het is geen weer om buiten te zitten, dus vindt de happening plaats in hun camper. Met z’n achten past dat precies. Natuurlijk wordt het een gezellige bijeenkomst met lekkere hapjes en drankjes. En er moest natuurlijk een heleboel bijgekletst worden. Als afscheid kreeg ieder koppel een potje eigengemaakte mandarijnen jam mee. Gemaakt door Arendien van echte Marokkaanse mandarijnen: een soort hobby hier waar meer camperaars mee bezig zijn.
We kwamen er weer één tegen vandaag: een bloeiende amandelboom.
Zie voor het vervolg van dit verslag: Toch weer naar Marokko: voorjaar 2026; deel 2
Maak jouw eigen website met JouwWeb